Adoptiekind | Hoe is dat nou eigenlijk om geadopteerd te zijn?


12

Soms heb je dat, een inspiratieloos momentje of dat je niet de juiste woorden kunt vinden. Ik had dat en gooide mijn frustratie in de MamaZijn groepsapp. En Annemarel van Momlife on wheels kwam met een berichtje uit het nieuws. Zomaar een nieuwsbericht dat ik wel voorbij heb zien komen. Maar dat ik consequent probeer te negeren. 

Adoptiekinderen Bangladesh zonder medeweten van ouders naar Nederland gebracht

Al eerder werden er misstanden omtrent adoptie van kinderen naar Nederland aan het licht gebracht. En volgens de nieuwste berichten blijkt nu dat er met adopties vanuit Bangladesh in de jaren ’70 en ’80 veel is misgegaan. Er werd geknoeid met papieren en de biologische ouders wisten vaak niet dat hun kind voor adoptie naar het buitenland ging.

En natuurlijk heb ik deze berichten wel gezien…. Maar ik probeer er niet bij stil te staan. Struisvogelpolitiek. Want hoewel ik niet uit Bangladesh kom, dit soort berichten raken me. 

Roots

In Roots schreef ik er al eerder over; in 1983 kwam ik vanuit Jakarta naar Nederland. En zoals het krantenartikel van de NOS treffend beschreef ‘opgewacht door idealistische adoptie-ouders, die dolgraag een arm kindje wilden helpen.’ 
Bizar om nu dit nieuws te lezen. Stel je voor, je haalt met alle goede bedoelingen een kindje naar Nederland. Een kindje dat misschien ondanks armoedige omstandigheden gewenst is en liefhebbende ouders heeft.
Stel je voor je bent moeder… En je brengt je kind naar een veilige plek zodat je kunt werken en waar je kind onderwijs en eten zal krijgen. En in één keer is je kind weg.

Waar kom je vandaan? 

Een tijdje geleden werd ik in de sportschool aangesproken door een man op leeftijd. Ik hou er al niet zo van om aangesproken te worden door wildvreemden, want ik krijg er altijd een kleur van. Laat staan in de sportschool, waar ik totaal buiten m’n comfortzone probeer te doen alsof ik serieus een idee heb waar ik mee bezig ben.

“Hoi, ik zie je hier wel vaker, waar kom je vandaan?” (meestal hoor ik deze openingszin alleen in de kroeg, maar ok) Mijn standaard antwoord is dan: “Ik kom gewoon uit Enschede”. De man vervolgt: “Ah ok, ik dacht, het lijkt alsof je Indische roots hebt. Heb je een Indonesische moeder?”

Omdat de man zo vriendelijk kijkt en oprecht geïnteresseerd is, vertel ik hem hoe het zit; ik heb een Nederlandse vader en moeder en ben met zes weken jong geadopteerd, inderdaad vanuit Indonesië. 

De man knikt meelevend, alsof adoptie een soort ongeneselijke ziekte is, en komt dichterbij staan terwijl ik totaal ongemakkelijk op de Pec Fly mijn set van 10 probeer af te maken.
Hij begint te vertellen, over zijn verleden, zijn ouders beiden van gemengde afkomst, het leven in Indonesië en hoe hij als kind met zijn ouders naar Nederland kwam. Hij praat en praat en stiekem geniet ik van zijn verhalen. Het geeft me een soort van heimwee naar iets dat ik eigenlijk niet ken.

“Ben je wel eens op zoek gegaan naar je ouders?”
De vraag der vragen, als ik voor elke keer dat ik deze vraag gesteld heb gekregen een euro zou krijgen… 
“Nee niet echt eigenlijk, ik heb er niet zo’n behoefte aan.”
De man kijkt me bedenkelijk aan. “Nu misschien nog niet, maar later misschien wel en dan kan het te laat zijn.” BAM, gewoon zomaar op een willekeurige dag in de sportschool. “Er zijn zoveel intens verdrietige ouders achtergebleven in die tijd. Ik weet zeker dat ze dolblij zouden zijn met zo’n prachtige dochter, wanneer je ze zou vinden.”



Flashback

Voor een kort moment heb ik een flashback naar een klein huis met een een traliehek ervoor, midden in een kampong in Jakarta. Het is benauwd, het ruikt vreemd en het voormalige kraamkliniekje is nu een woonhuis. Kinderen uit het dorp komen kijken en zwermen vrolijk lachend om ons heen: “Want to take picture, Miss? Take picture of me please?”
Ik ben 10 jaar en compleet overdonderd. Ik sta tussen kinderen die op mij lijken, maar die ik niet versta. Te kijken naar de plek waar ik geboren ben en de eerste zes weken van mijn leven heb doorgebracht. 
En het doet me niets.. Of misschien juist heel veel, maar ik voel niks.

indonesia-1203243_960_720

Met tranen in mijn ogen verlaat ik de sportschool. Want nu ben ik zelf moeder. Ik weet nu hoe de eerste zes weken van het leven van een baby eruit zien. Het voeden, het verschonen, het knuffelen, troosten, de enorme zorg en de onvoorwaardelijke liefde die een baby met zich meebrengt. 

Hoe is dat nou eigenlijk om geadopteerd te zijn?

Nou, zoals het leven zelf is eigenlijk; meestal heel erg tof, maar bij vlagen gewoon super kut. En ik denk aan de woorden van de man in de sportschool: “Ik weet zeker dat ze dolblij zouden zijn met zo’n prachtige dochter, wanneer je ze zou vinden.”

En precies dat is het shitterige van geadopteerd zijn…

Dat je (onbewust) opgroeit met het idee dat er iemand dus niet dolblij was op het moment dat je ter wereld kwam.

Dat gevoel zit in elke vezel van mijn lijf en zal altijd op de achtergrond, ondanks dat ik net doe of het niet zo is, een rol spelen in mijn leven. Het zorgt ervoor dat ik donders bang ben in nieuwe situaties en dat ik liever nergens aan begin omdat het toch nooit goed genoeg is. Het maakt dat ik een ijskonijn ben, maar soms toch geraakt wordt door bijvoorbeeld muziek waardoor mijn hart in duizend stukjes breekt. En het zorgt er ook voor dat ik intens geniet van het moederschap en oprecht dankbaar ben voor mijn leven as it is.

Life is like a box of chocolates, you never know what you gonna get -Forrest Gump
12